Poolwind legt Nederland onnodig lam; over het preventief stilleggen van het OV

Vanuit mijn werkraam kan ik de sneeuw vrijwel horizontaal zien langsstormen. Van Links naar rechts betekent wind uit het Noordoosten. Van links naar rechts en niet van boven naar beneden betekent poolwind. En Nederland buigt deemoedig het vermoeide hoofd: we gaan weer een aantal dagen op slot. Noodzaak of zelf afgeroepen?

Als opgroeiend jochie in de jaren 70, zag ik menigmaal stevige stormen met sneeuw aan mij voorbijgaan. In mijn herinnering konden we in de winter van 1978/1979 met de schaats naar school. Die had ik niet, dus waren het de gewone schoenen die mij van A naar B brachten. Zonder problemen bereikte ik het doel. Die winter zal men niet glad vergeten, alles lag stil.

Genoemde winter geldt als een unicum. Net als die van 1962/1963 en daarvoor enige in de oorlog, was dit een voorbeeld van extreem. Deze winter, en vele voorgaande zijn gewone winters die we moeten doorstaan voordat we op het Haagse Lange Voorhout weer de krokussen kunnen aaien en de tent voor een lange filetocht naar Frankrijk kan gepakt. De winter van 2012/2013 mogen we nu al administreren als een gemiddelde.

Maar het rare is wel dat het openbaar leven volledig lam komt te liggen als het KNMI een paar buien voorspelt die sneeuwhoogtes tot gevolg hebben waar ze in Oostenrijk van gaan glimlachen. In dat land denken ze ‘handel’, bij ons denkt men ‘winterdienst’.

Het rare nu is, dat – als afhankelijke van de dienstverlening van HTM en NS – ik klaarblijkelijk inmiddels moet accepteren dat de boel hier volledig op slot gaat. Niet als als gevolg van, maar preventief. Wonend aan de tramlijn met het nummer 12, mocht ik op Twitter vanochtend al lezen dat deze vanaf 12 uur niet meer zou rijden. Niet eens proberen, niet pekelen, niet schuiven: afschaffen, zoals de Vlaming dat zo mooi kan zeggen. De tram wordt eenvoudigweg uit de vaart genomen. En we moeten dat maar accepteren.

Inmiddels is zoveel duidelijk dat dit alles, maar dan ook alles te maken heeft met moderne bedrijfsvoering. Aanbesteding betekent kostenbesparen en kosten besparen betekent: dure activiteiten sparen. Het gevolg is dat per jaar er een week of twee niet kan worden gereden met redelijk normaal winterweer. Er is geen capaciteit voor het vegen – de pekelwagens zijn wegbezuinigd – en de wissels worden niet verwarmd – want ook daarvoor ontbreekt het geld. Zou ik dit hebben verzonnen, zou men mij voor gek verklaren. Nu valt dit onder de te accepteren gebeurtenissen.

Datzelfde jochie dat in 1978 nog opgroeide, wist toen dat het laatste dat de geest zou geven de tram was. Die waren zo sterk, die vochten zich overal doorheen. Nu is er een managementlaag bij HTM ingevlogen dat met een simpel bericht naar buiten aangeeft dat men het maar moet uitzoeken: het is immers winter. Ondanks dat de trams prima kunnen rijden – het zijn geen Fyra-treinstellen waar de platen vanaf vallen – en er genoeg personeel is om de haltes te vegen en met pekel te strooien, gooit men het bijltje er voordat er ook maar een vlok is gevallen bij neer.

Alles in het kader van het managen van de verwachtingen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *