Duurzaamheidsvirus, de ‘groene kerk’ en jonge honden lawaai!

De laatste tijd krijg ik steeds meer de kriebels van al die ‘jonge honden’ die duurzaamheid in hun bedrijf willen ‘promoten’, streven naar ‘draagvlak’ voor energiebesparing en die hun bazen ervan willen overtuigen hoe ‘leuk’ duurzaam ondernemen wel niet is.
Het laatste nummer van duurzaamheidsvakblad P-Plus portretteert er een paar: ‘Ze zijn jong en daadkrachtig. Duurzaamheid? Daar krijgen ze energie van. Met confronterende acties en opvallende communicatie motiveren zij hun collega’s om mee te gaan. Met hun jeugdig enthousiasme zijn ze een katalysator voor verandering in hun bedrijf.’

Liefhebberij
Als ik dat ‘jeugdige enthousiasme’ voor duurzaamheid allemaal zie, zakt de moed me in de schoenen. Niet omdat ik niet voor duurzaam ondernemen zou zijn (integendeel!), maar omdat het aangeeft dat duurzaamheid kennelijk het stadium van liefhebberij nog niet ontgroeid is. Vervang in al die vlammende betogen het woord ‘duurzaamheid’ eens door ‘financiële degelijkheid’ of ‘betrouwbare producten’ en je proeft het verschil.
Eén van de geïnterviewde jonge honden zegt over haar manier om duurzaamheid te stimuleren: ‘Ik infecteer mensen met mijn virus.’ Enthousiasme werkt veel aanstekelijker dan met een vingertje wijzen: dit mag niet of dat mag niet.’ Klinkt goed, maar stel dat hier een jonge manager aan het woord was geweest die het had over de kwaliteit van zijn producten, zouden we het dan nog zo ambitieus vinden?

Vakmensen
Gaat u naar een arts die de zorg voor zijn patiënten garandeert door te wijzen op het enthousiasme bij het verplegend personeel? Naast welke kerncentrale woont u liever: die met enthousiaste technici of die met waterdichte veiligheidsprotocollen? Naar welke garage brengt u uw auto: die met draagvlak of die met vakmensen?
Natuurlijk is het hartverwarmend om te zien dat jonge professionals gepassioneerd praten over duurzaamheid, maar tegelijkertijd is de tijd toch echt voorbij dat maatschappelijk verantwoord ondernemen thuishoort bij dit soort aanstormend talent. Net als productkwaliteit, financiële degelijkheid en personeelszaken is duurzaamheid een zaak van bestuur en management. Niks draagvlak, gewoon targets. Enthousiasme is mooi, maar not in my backyard. Duurzaam ondernemen is keihard werken, géén hobby.

Jos Reinhoudt
Adviseur bij BECO

2 thoughts on “Duurzaamheidsvirus, de ‘groene kerk’ en jonge honden lawaai!”

Aly Gelderblom QuiVive Kwaliteit 10 jaar ago

Ben het eens met je stelling dat duurzaam ondernemen hard werken is. Of zelfs keihard werken aan realisatie van de afgesproken doelen. Maar, met draagvlak onder de mensen die met de voeten in de klei staan, gaat dit beduidend sneller met een groter resultaat. Als bestuur en management hier ook in investeren levert dit op dat het niet wordt ervaren ” als zij in hun mooi ivoren torentje hebben ook weer wat bedacht’ en daarnaast dat inbreng vanaf de werkvloer soms tot onverwachte, nog niet bedachte suggesties leidt.

Gerard Lappee 10 jaar ago

Gerard Lappee, BuildDesk
Er is toch wel een verschilletje tussen een betrouwbare tandarts en advisering rondom duurzaam ondernemen. Dat laatste moet leiden tot andere afwegingen en keuzes bij de opdrachtgever. Kortom: ander gedrag van de medewerkers. En dat is heel moeilijk, want circa 95% van ons gedrag is automatisch bepaald.

Om dat automatische gedrag te doorbreken – of er juist slim gebruik van te maken – zijn interventiemethoden uit de gedragswetenschappen beschikbaar. Denk aan het ‘tonen van normaal gedrag’, ‘zorgen voor gelijksoortigheid’. Mijns inziens helpt het daarbij als adviseurs uitstralen dat zij intrinsiek gemotiveerd zijn.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *