Zelfreflectie; een zoete of een bitterzoete noodzaak?

Tijdens coachingsgesprekken met jongeren onder de 30 jaar valt me vaak op dat ze een hoge druk ervaren op en buiten het werk. Je zult maar geselecteerd zijn uit een groep van 500 gegadigden. Na een eerste selectie uit de ingezonden brieven en filmpjes mag je een aantal online testen doen, vervolgens onderga je een assessment en na een aantal gesprekken heb je het felbegeerde traineeschap binnen. Banen zijn schaars. Je wilt je bewijzen, alles is nieuw. Naast die uitdagende baan neem je geen genoegen met een middelmatig privéleven en social media vragen ook aandacht.

Tijdens coachingsgesprekken met werknemers van boven de 55 valt me vaak op dat zij een hoge werkdruk ervaren. Meer doen met minder mensen. Bijblijven. Als wetenschapper is er publicatiedruk, als schoonmaker moet je het aantal vierkante meters per uur halen. Het is een kunst om met plezier te blijven werken en met enige mildheid de zoveelste reorganisatie te aanschouwen. Zeker als dat wat was en anders moest in een andere vorm als vernieuwend wordt gepresenteerd.
Van een decentrale naar een centrale naar een decentrale organisatie, zomaar een voorbeeld.

Wat opvalt in de statistieken over burn-out is dat juist de twee genoemde leeftijdsgroepen (25-35 en 55-65) het grootste risico lopen op burn-out.

Zelfreflectie, waarbij de gestelde vragen afhankelijk zijn van de levensfase, lijkt juist nu meer dan ooit nodig. Dat geldt natuurlijk niet alleen voor deze leeftijdsgroepen. Zelfreflectie gaat naast oog voor de veranderende (werk)omgeving ook over zelfinzicht: Wie ben ik? Wat wil ik? Wat kan ik?

Wat zijn daarbij de interne basisregels die ons gedrag sturen. Bij opgepikte ouderboodschappen kun je denken aan: Ik moet sterk, slim, bescheiden, assertief, kwetsbaar, vriendelijk, spontaan, behulpzaam … zijn. Vervolgens ontwikkelen we strategieën om aan die regels te voldoen. We willen namelijk liefde en erkenning van anderen ontvangen. Zo zal de één vanuit het idee anderen tot last te zijn, zich altijd nuttig maken; met als valkuil altijd klaar willen staan: de help-aholic. En wie kent niet de pleaser, die vanuit de angst voor conflicten altijd zo lief en aardig is.
Het idee van niet goed genoeg zijn, kan leiden tot heel hard werken, succesvol willen zijn. Alle details moeten volmaakt zijn: de perfectionist.
Ik ben niet goed genoeg kan ook leiden tot het gevoel dat het zinloos is om je best te blijven doen. Resultaatvermijding kan dan zorgen voor passiviteit: de luilak.

Zelfreflectie betekent naast herkennen; erkennen hoe je denken, voelen en handelen tot stand is gekomen. Loskomen van belemmerende overtuigingen leidt tot effectiever gedrag over zaken die je zelf kunt beïnvloeden.

En altijd goed om te weten en je te realiseren: we zijn vooral niet op ons best, als we onze uiterste best doen!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *